Nieuws Arbeidstoeleiding

Onderzoek UMC Groningen: beleid noodzakelijk voor vergroten kans op werk jongeren met beperking.

De meerderheid van de jongeren met een beperking heeft intensieve begeleiding nodig bij het vinden en behouden van werk. Ouders en vrienden spelen een belangrijke rol in dit proces, evenals formele sociale contacten, zoals schoolbegeleiders, arbeidsdeskundigen, re-integratieconsulenten en jobcoaches. Het is van belang deze rol te onderkennen, te stimuleren en te faciliteren. Dat blijkt uit onderzoek dat sociaal geografe Anja Holwerda van het Universitair Medisch Centrum Groningen deed naar factoren die arbeidsparticipatie van jongeren met een Wajong-uitkering beïnvloeden. Zij is op 18 december aan de Rijksuniversiteit Groningen gepromoveerd.

Holwerda onderzocht daarnaast de overgang van speciaal onderwijs naar werk bij jongeren met een verstandelijke beperking en/of ontwikkelingsstoornis. De sociale omgeving, zoals ouders en leerkrachten, speelt een belangrijke rol in het vinden van werk door deze jongeren. Zij laat zien dat 39% van deze groep werk vindt in de eerste 18 maanden na de Wajong-aanvraag. Holwerda toont aan dat schoolbegeleiders dit het beste voorspellen, doordat zij goed zicht hebben op de (on)mogelijkheden van hun leerlingen. Deze voorspelling verbetert als de mening van ouders hierbij wordt betrokken. Holwerda pleit er daarom voor dat al op jonge leeftijd een profiel van kenmerken en kwaliteiten van deze leerlingen wordt gemaakt en dat de ouders daarbij worden betrokken. Door de leerling vroegtijdig adequaat te begeleiden is instroom in de Wajong te voorkomen en de kans op werk te verhogen.

`Klik HIER voor de link naar de website van UMCG voor meer nieuws over dit onderwerp.