Nieuws Passend Onderwijs

Passend onderwijs laat zich niet in elkaar knutselen.

Woensdag 26 juni op de dag dat de Tweede Kamer een algemeen overleg had over passend onderwijs verscheen er van onze voorzitter Wim Ludeke een opiniestuk in het Algemeen Dagblad. Lees hieronder de tekst van zijn opiniestuk.

"We staan aan de vooravond van de evaluatie van het passend onderwijs, met een Algemeen Overleg op 26 juni a.s. als tussentijds ijkpunt voor de Tweede Kamer. In dit kader luiden de scholen voor speciaal onderwijs de noodklok. Niet omdat zij het idee dat ieder kind met elkaar zou moeten kunnen opgroeien en dus met elkaar naar dezelfde school zou moeten kunnen gaan niet omarmen. En zeker niet omdat zij bang zouden zijn ‘hun’ leerlingen te verliezen. Maar omdat op dit moment de aanpak van passend onderwijs visieloos en omgeven met perverse financiële prikkels gestuurd wordt.

Groei
De komst van passend onderwijs zou het dure speciaal onderwijs een halt moeten toeroepen. Na een aanvankelijke landelijke daling van het aantal ‘speciale’ leerlingen, groeit het speciaal onderwijs in grote delen van het land weer explosief. Niet alleen in de Randstad, maar ook bijvoorbeeld in Noord-Brabant en Gelderland.

Hoe dat kan? Met de introductie van passend onderwijs zijn de geldstromen voor het ondersteunen van speciale leerlingen voor een belangrijk deel verlegd naar het reguliere onderwijs. Dáár moet het immers gebeuren, dus vloeien tonnen naar het reguliere onderwijs voor het inzetten van interne begeleiding, het verzorgen van bijscholingen, het geven van cursussen, het inrichten van speciale, veelal tijdelijke ‘ondersteuningsarrangementen’, etc. en dat alles met een minimale verantwoordingsplicht. Maar passend onderwijs is niet maakbaar.

Structureel overbelast
De leraar voor de reguliere klas, al tijden structureel overbelast en vrijwel niet meegenomen in het voortraject van passend onderwijs, raakt niet onder de indruk van de extra middelen, waarvoor zij eerst talloze formulieren moeten invullen. En hen in korte tijd ‘omkatten’ naar gespecialiseerde leerkrachten blijkt net zo’n illusie te zijn als de gemiddelde huisarts in twee jaar om te scholen tot een ervaren hartchirurg. Het zijn dan ook de mensen voor de klas van het reguliere onderwijs, die de wal vormen en het stuurloze schip passend onderwijs doet keren: meer leerlingen dan ooit worden terug- of doorverwezen naar het speciaal onderwijs.

Opportunistische verdeling van gelden
Wij moeten ons daar ernstig zorgen over maken, want de kwaliteit van niet alleen het reguliere onderwijs, maar ook het speciaal onderwijs staat hiermee inmiddels onder zeer grote druk. Voor de ‘zware ondersteuning’, het specialisme van het speciaal onderwijs, zijn door de opportunistische verdeling van gelden steeds minder middelen beschikbaar, met de leerling als letterlijk kind van de rekening. De bezuinigingen in de jeugdzorg doen nog eens een extra duit in het zakje van het speciaal onderwijs en hebben direct effect op deze scholen: van de leerlingen in het speciaal onderwijs maakt vijftig procent gebruik van een vorm van jeugdzorg.

Het doemscenario is kort samen te vatten: minder geld, minder leerkrachten, minder jeugdhulp, minder scholen voor speciaal onderwijs (de eerste worden al gesloten en NIET omdat er geen leerlingen voor zijn), meer thuiszitters.

Herbezinning
Stoppen dan maar met passend onderwijs? Zeker niet. Maar wél een herbezinning op de implementatie daarvan en waarvan een gedegen visie op onderwijs voor álle leerlingen de basis dient te zijn. En waarin zowel onderwijs- als openbaar bestuurders nadenken over een nauwe samenwerking tussen onderwijs en jeugdzorg.  En waarin we ons niet moeten laten opjagen door de korte-termijnpolitiek, maar de tijd nemen voor deze belangrijke cultuurverandering binnen het onderwijs. Passend onderwijs laat zich niet in elkaar knutselen."

Wim Ludeke, voorzitter Landelijk Expertise Centrum Speciaal Onderwijs (LECSO)

In de bijlage het opiniestuk, zoals het op woensdag 26 juni 2019 in het Algemeen Dagblad is verschenen.
Lees de brief die LECSO en SBOwerkverband voorafgaand aan het algemeen overleg naar de Tweede Kamer stuurden.

Wim Ludeke in AD.png